De olifant Emmanuel en andere gedichten

dbh94.jpg

Een mens zou nog vergeten dat er gewerkt moet worden. Een nieuw nummer van De Brakke Hond staat online; een blik op de poëzie.
Nummer 94 opent met een bezwerende cyclus over de olifant Emmanuel van Guido De Bruyn:

Soms moet je durven, als man je broek uittrekken
en naar de olifant toegaan. De olifant Emmanuel,
daar, op het strand van Scheveningen.

Dat komt wel goed, daar op het strand van Scheveningen: Emmanuel de olifant heeft lak / aan de categorische imperatief van Kant

Joris Iven, die eerder al Bukowski en Carver vertalingen in De Brakke Hond publiceerde, vertaalde vijf gedichten van de immer heldere Charles Simic, de aanzet van Bij het lezen van historische werken:

Soms, terwijl ik hier zit te lezen
In de bibliotheek,
Krijg ik een vluchtige blik
Op hen die eeuwen geleden
Werden ter dood veroordeeld,
En op hun beulen.
Ik zie elk lijkbleek gezicht voor me,
De manier waarop een rechter
Een vonnis uitspreekt,
Terwijl ik me verwonder over de gedachte
Dat ik dan nog niet besta.

Nog gedichten van Bert Lema, stuk voor stuk zo verzonken en onbereikbaar als de schone kamer van weleer:

    De schone kamer is aangevreten
    wie gaat er nog binnen om zalm te eten
    wie rookt er wie gaat van bil

    ver ligt de kamer
    op het einde van de laatste gang
    ge gaat een hoek om

    en staat ervoor
    gaat ge binnen blijft ge buiten
    het is uw metafoor

Verder nog poëzie van Stefaan van den Bremt, Vincent Leguerre, Marloes Hoeks, Wouter Ydema, Mischa Andriessen, Ivo Allewaert, Jan Doornbos, Edwin Fagel en Onno Kosters.

Herman de Coninckprijs voor Vlaamse poëzie

boek.be stelt een nieuwe poëzieprijs in. Aan de Herman de Coninckprijs voor Vlaamse poëzie zal een bedrag van 6.000 Euro verbonden zijn, een bedrag dat in het bericht in De Morgen en ook elders een paar keer gekwalificeerd wordt met “nooit gezien”. Ik mag hopen dat dit bedrag dat van de maandwedde van Geert Joris, algemeen directeur van boek.be, niet al te veel overstijgt. Het is misschien “nooit gezien”, maar dat zegt blijkbaar niet zoveel over de grootte van het bedrag, maar eerder iets over de fooien waarmee dichters doorgaans worden afgescheept.
De prijs zal worden uitgereikt op de vooravond van Gedichtendag (24 januari 2007) en bekroont een bundel die in 2005 of 2006 verscheen.

De jury (Guido de Bruyn, Pat Donnez, Marc Reynebeau, Lieve Coppens en Piet Piryns) zal een “longlist van 60 werken” samen stellen die daarna gereduceerd zal worden tot een shortlist van 10 bundels. Uit die shortlist wordt de winnende “Vlaamse” bundel gekozen.

Er is ook een publieksgebeuren gekoppeld aan de prijs. Tussen het moment dat de shortlist wordt samengesteld en het moment van de bekroning van de winnaar wordt uit elk van de tien shortlist bundels een gedicht gekozen dat via de media wordt aangeboden aan het publiek dat de kans krijgt om een stem uit te brengen tot 19 januari.Het populairste gedicht zal in 50.000 exemplaren worden verspreid op een poster.

(Zie ook VRT nieuws)