Prozagedicht: de gedachten van Rutger H. Cornets de Groot en van Alain Delmotte
![]()
Rutger H. Cornets de Groot tast de grens tussen het vrije vers en het prozagedicht af via het onderscheid dat Vestdijk eens maakte tussen de muzische en de significatieve literatuur:
Waar het vrije vers zich op de mededeling, de inhoud van de boodschap concentreert - het significatieve - daar brengt het prozagedicht veeleer de melodie en het ritme van de tekst - het muzische - tot klinken.
Hoe hij dat verbindt met Gertrude Stein en Bert Schierbeek kan u hier nalezen.
Alain Delmotte aan de andere kant benadrukt dan weer het fictieve van een echte grens tussen poëzie en proza. Hij doet dat aan de hand van Brousailles, recent werk van James Sacré. Brousailles behandelt immers net die - in de Franse literatuur blijkbaar enigszins afgezaagde - kwestie van het verschil tussen poëzie en proza. De weinig beslissende eindconclusie van Sacré’s fundamentele zoektocht is de titel van dit essay geworden: “Alles wat proza is, is eveneens vers en wat verzen zijn, is ook proza“.