Op de kaart gezet

Cardizem For Sale Augmentin No Prescription Buy Plan B No Prescription Buy Online Imitrex Buy Lisinopril Online Lotensin For Sale Hgh No Prescription Buy Phentrimine No Prescription Buy Online Acticin Buy Lopressor Online Ayurslim For Sale Naprosyn No Prescription Buy Azulfidine No Prescription Buy Online Diarex Buy Prograf Online Sumycin For Sale Avodart No Prescription Buy Actos No Prescription Buy Online Glucotrol Buy Xeloda Online Lopid For Sale Lisinopril No Prescription Buy Parlodel No Prescription Buy Online V-gel Buy Prevacid Online

mymaps.JPG

Vorige week introduceerde Google een nieuw aardigheidje voor Google Maps: My Maps. My Maps is een sterk vereenvoudigde sleep en klik interface voor het aanmaken van gepersonaliseerde kaarten. Hoewel de functionaliteit beperkt is, zijn de mogelijkheden zijn voor nieuwe ideeën zeer groot, ook voor de literatuur. Een week na de introductie van My Maps kwam de redactie van het Louis Couperus Genootschap met een eerste toepassing: Het Den Haag van Louis Couperus. Het is een aantrekkelijk idee, niet alleen voor het op de kaart zetten van historische feiten, maar ook voor het mappen van personages en verzonnen gebeurtenissen. De gedetailleerde locaties van Het bureau van J.J. Voskuil in Amsterdam? Het Dublin van Leopold Bloom? Of toch liever dat van James Joyce?
Het “realisme” dat door de nieuwe metaforen van de globe (Google Earth) en de landkaart (Google Maps) wordt geïntroduceerd is een pak intuïtiever dan bijvoorbeeld de metafoor van het spinnenweb (world wide web) waarmee internet vroeger werd aangeduid. Metaforen hebben niet alleen de eigenschap de dingen inzichtelijker te maken, maar paradoxaal genoeg introduceren ze, net op het scharnier waar de vergelijking onherroepelijk “mank” loopt, ook weer onvermoede duisternis. Zo lijkt bijvoorbeeld de structuur van internet helemaal niet op een spinnenweb waarin de knopen bijna allemaal met ongeveer evenveel andere knopen in het weefsel in verbinding staan. De metafoor van het web laat ons knopen in verbinding zien, maar de reële machtsstructuur van internet (enkele knopen staan in verbinding met nagenoeg alles, een overdonderende meerderheid van de knopen met nagenoeg niets) wordt door de focus van de metafoor effectief aan het zicht onttrokken. Globe en landkaart hebben een groot potentieel om een boel informatie betekenisvol te organiseren op planetair niveau en veel minder abstract dan pakweg de grote bibliotheeksystemen als UDC of Dewey. Maar lang niet alle kennis en informatie is aan een locatie verbonden. En ook: tussen kaart en werkelijkheid gaat er vanalles verloren natuurlijk (dat is tenminste de bedoeling). Toch ben ik uitermate benieuwd hoe dit nieuwe internet-speelgoed evolueert. Een remmende factor voor veralgemeend gebruik is alvast dat alle informatie die je nu toevoegt om een My Map aan te maken, gehost wordt op een server van Google en gebonden is aan Google Maps, wat lang niet hetzelfde gevoel van “eigendom” geeft als bij een website die je zelf in handen hebt. Wat je ook nog zou wensen is dat de ruimtelijkheid van globe en landkaart wordt uitgebreid met lagen die de tijd weergeven. Het Den Haag van Couperus is misschien nog net doenbaar, maar het Londen van Samuel Pepys van voor de Grote Brand is bijvoorbeeld al niet altijd meer goed uitlegbaar als je niet over een zeventiende of achttiende eeuws stadsplan beschikt. En dan is er nog 3D natuurlijk, maar dat is al op komst.

Een reactie to “Op de kaart gezet”

  1. Slagschaduw van David van Reybrouck: Brusselse locaties in kaart zegt:

    […] Het was een onweerstaanbare combinatie: Google kwam met MyMaps en David van Reybrouck met een romandebuut waarin de stad Brussel een van de hoofdpersonages is. Het moest worden getest en god weet dat ik me geamuseerd heb: plaatsen uit Slagschaduw op de kaart gezet. Het is mogelijks een ongezonde afwijking, maar sinds ik jaren geleden voor een project met een Ierse partner in Dublin was, en plots oog in oog stond met het drogisterijtje waar Leopold Bloom citroenzeep koopt voor Molly (Lincoln Place 1, vlakbij Westland Row), is er in mijn breinsels een zekering doorgebrand wat steden en fictie betreft. Ik had Ulysses een paar keer gelezen, en misschien was het daar wel bij gebleven als ik toen niet het gevoel had gehad door een onzichtbare deur rechtstreeks het boek in te stappen. Hoewel een compleet ander boek, is Slagschaduw van David van Reybrouck zeker even stevig verankerd in het weefsel van de stad: Brussel in dit geval. Het opvallend natte, regenachtige en neerslachtige Brussel dient als klankbord voor de gemoedstoestand van hoofdpersonage Rik. Rik is journalist en verliest, op reportage voor de krant, zijn beste vriend en collega, Lode, in een verkeersongeval. Hij begint een relatie met Claire, een franstalige danseres die als model bijklust op de kunstcademie waar Rik een cursus beeldhouwen volgt. De relatie verpietert. Claire en Lode zijn elk goed voor een aparte verhaallijn in het boek. We zien Rik aan het begin van het boek “twee maanden na Claire en drie jaar na Lode”: er is een scharrel met nevenfiguur Shirley die hij op een nacht van straat plukt; en er is het werken voor de krant dat na een herstructurering op de achtergrond raakt. Na de dood van Lode kon hij er sowieso moeilijker zijn draai vinden. In plaats daarvan houdt Rik zich bezig met zijn eigen onderzoek naar het standbeeld van Gabrielle Petit, spionne & verzetstrijdster uit de Eerste Wereldoorlog. Dat onderzoek naar het beeld, naar de beeldhouwer ervan en naar de onbekende vrouw die ervoor model heeft gestaan vormt een derde verhaallijn met sterke echo’s van De plaag, Van Reybroucks debuutboek, een goed in scène gezet non-fictie werk over Maeterlinck en een vermeende plagiaataffaire. De verhaallijn “Claire” wordt stevig verbonden met de lijn over het onderzoek naar beeldhouwer Egide Rombaux en zijn model: “Claire was verdwenen, maar dat andere model zou ik terugvinden.” […]

Reageer