David van Reybrouck bij deBuren
![]()
Morgen spreekt Joël De Ceulaer bij deBuren in Brussel met David van Reybrouck van wie vorige week de tweede roman verscheen, Slagschaduw. Naar aanleiding daarvan werd hij voor De Morgen geïnterviewd door Dirk Leyman. Een goed interview, voor zover je zoiets van interviews kan zeggen natuurlijk. Met een mooie foto erbij van de schrijver die verdwaasd en gedeprimeerd over een schrijftafeltje ligt gedrapeerd, waarop ook een antiek schrijfmasjien. Nu ja, ik zeg verdwaasd en gedeprimeerd, maar niet iedereen kijkt op dezelfde manier. Bij Marc Reugebrink heet het “kwijnend”. De foto van Stephan Vanfleteren is aldaar nog op groter formaat te bekijken. Ik vind het fraai meanderende proza vol rake observaties dat Reugenbrink afscheidt altijd een verademing, maar ik heb wel eens moeite met de moraliteit die aan die observaties wordt opgehangen. Op basis van passages uit het interview van Leyman en de foto van Vanfleteren bouwt hij een fijn stukje over op de manier waarop er in het De Morgen-interview aan beeldvorming wordt gedaan. Maar als het beeldvorming van schrijvers betreft heb je strikte regels te volgen als je “aan de goede kant” wil staan:
Een jongen die een stuk of wat gedichten publiceerde in Het Liegend Konijn en vervolgens zonder zelfs nog maar een bundel te hebben gepubliceerd zonder blikken of blozen, als was hij alreeds een arrivé, het grote podium van de Nacht van de Poëzie beklimt; een jongen die blijkbaar, getuige ook ‘de aanzet tot een gedicht’ die bij persbezoek ostentatief in zijn schrijfmachine steekt, getuige het feit dat hij zijn gedichten dus op de schrijfmachine tikt en niet gewoon op de computer, zoals de rest van zijn teksten (ook dat is een signaal, immers), heel graag naast De Schrijver als De Dichter gezien wil worden, én er mee weg komt — zo’n jongen wordt ondanks zichzelf het boegbeeld van alles wat er mis is met de literatuur van dit moment (en dat bedoel ik letterlijk: volgende week is er weer een ander die die roi, al dan niet met zijn of haar volledige instemming, krijgt toebedeeld). En dat spijt mij zeer, want vergeleken bij sommige andere circusartiesten in het literaire bedrijf heb ik bij Van Reybrouck toch altijd het gevoel dat hij iemand is die eigenlijk aan de… enfin, aan de goede kant zou moeten staan.
Er was ook nog Anne Brumagne die Van Reybrouck interviewde voor Brussel deze week. Let maar niet op de foto, want als ik het goed heb poseert de Schrijver met een opgezet kaaimannetje.