Lees zoals je leeft…

Cardizem For Sale Augmentin No Prescription Buy Plan B No Prescription Buy Online Imitrex Buy Lisinopril Online Lotensin For Sale Hgh No Prescription Buy Phentrimine No Prescription Buy Online Acticin Buy Lopressor Online Ayurslim For Sale Naprosyn No Prescription Buy Azulfidine No Prescription Buy Online Diarex Buy Prograf Online Sumycin For Sale Avodart No Prescription Buy Actos No Prescription Buy Online Glucotrol Buy Xeloda Online Lopid For Sale Lisinopril No Prescription Buy Parlodel No Prescription Buy Online V-gel Buy Prevacid Online

‘Comment parler des livres qu’on n’a pas lus?
Het vraagteken in de titel van het essay van Pierre Bayard, dat bovendien uitgegeven is in de reeks ‘Paradox’ duidt precies aan waar het om gaat: een boek is niet een opeenhoping van woorden die de lezer uit het hoofd moet blokken.
Volgens de klassieke visie leest men een boek van a tot z, en studeert men de literatuur van begin tot eind. Bayard, professor Franse letterkunde en psychanalist, is opgegroeid in een milieu waar weinig gelezen werd en heeft de voordelen leren kennen van niet gebonden te zijn aan een cultuur, maar om zelfstandig, volgens eigen verlangens, inzichten, intuïtie, interesses, zich te ontwikkelen aan de hand van fragmenten, niet academisch, soms volgens heel bizarre denkpatronen.
Dit levert verfrissende inzichten ten opzichte van de cultuur waarin men opgroeit en in die zin noemt Bayard de beleving van het lezen ‘de ervaring van zich te bevrijden van een afgeronde cultuur zonder tekortkomingen, zoals dit wordt doorgegeven door familie en scholen, zich bevrijden van het beeld waarmee we ons leven tevergeefs proberen te doen samenvallen.’

Bayard verdedigt de vluchtige, ongedisciplineerde kunst van het lezen. Wat belangrijk is bij elk boek, zijn de boeken die ernaast staan. Elk gesprek glijdt van het ene boek naar het andere. ‘Gecultiveerd zijn is niet bepaalde boeken gelezen hebben, maar zich kunnen positioneren in het geheel, weten dat de teksten een geheel vormen, en ze ten opzichte van elkaar kunnen situeren.’ Bij dergelijk leesproces trekt de lezer zich niets aan van hoe het hoort. Alle referenties, fragmenten en indrukken die hij opdoet, vormen samen een soort persoonlijke bibliotheek, het ‘innerlijke boek’ waarin de lezer met gemak rondloopt zonder lange tijd bij één boek te verblijven, maar hij heeft wel een panoramisch overzicht van de cultuur.
De boeken wijzen naar waarheden of onwaarheden, ze duiden zaken aan, de lezer is de schepper van zijn avontuur. Hij legt zelf associaties, vermoedt meer dan hij leest, raadpleegt andere bronnen, vindt voorstellen om te mijmeren, om het leven te benaderen… al lezend en belevend weeft hij zijn eigen wereld in functie van zijn eigen realiteit.

Het niet-lezen van boeken is een kunst die bij bloggers misschien geen schande is, maar in sommige milieus als schandelijk wordt bestempeld. De kunst dateert nochtans niet van het internettijdperk. Bayard haalt voorbeelden te over aan van bekende figuren die ermee pronken. Zo laat Paul Valéry zich uiterst positief uit over Proust, terwijl hij zegt er nauwelijks iets van gelezen te hebben. Musil voert een bibliothecaris op die er trots op is dat hij niet één van de boeken waar hij verantwoordelijk voor is, gelezen heeft. Montaigne duidt de ‘vruchtbaarheid van het vergeten’ aan… wat men niet onthoudt, maakt niet langer deel uit van de identiteit, de kennis waarmee men door het leven gaat.
Er is ook nog Patrick Poivre d’Arvor die een literair tv-programma had en het mooi samenvatte. Op de vraag of hij een bepaald boek gelezen had antwoordde hij: ‘Ja, maar niet persoonlijk.’

Veel van wat Bayard zegt vindt aansluiting bij wat hoogleraar Vaessens (universiteit Amsterdam) vertelt als hij het heeft over de ‘nieuwe lezers’ (pdf) en bewonderend de ‘rommelige manier’ van lezen van zijn studenten bespreekt (zie ook hier).
Het is uiterst beperkend voor de creativiteit om vastgepind te worden in het klassieke systeem van lezen, en mensen als Bayard en Vaessens bieden de vastgeroeste lezer heel wat nieuwe mogelijkheden. Toch is het jammer dat zij het ‘ongedisciplineerde lezen’ als een manier van lezen moeten ‘promoten’. Dit kan als resultaat hebben dat er aanhangers ontstaan (en uitgesproken tegenstanders). Hiermee dreigen de alertheid, de aandacht en het creatieve lezen verloren te gaan. Immers, in een opgelegde manier van lezen is openheid niet langer openheid, maar wordt het geprogrammeerd, bezet.
Misschien is het systeem niet het belangrijkste, maar wel de ruimte, de openheid van waaruit gelezen wordt? Misschien is de creatieve lezer zelf die openheid, die ruimte waarin teksten kunnen verschijnen? Hoe hij leest is dan vrij van opgelegde structuren, van wat mag of niet mag en zal verschillen van avontuur tot avontuur, van moment tot moment. Hoe men ook leest, het komt erop aan dat de innerlijke wereld die hierdoor ontstaat niet bezet is door wat men hoort te weten. Dan is er de vrijheid om creatief te bloeien in een wereld van kennis.

… en als de verbeelding toch goed bezig is kunnen we meteen nog veel meer verhalen verzinnen dan alleen dat van het eigen leven (vindt ook Bayard). De improvisator, de scenarist, de humorist, de persoon met een ongeremde fantasie moeten van enorm veel op de hoogte zijn om boeiende imaginaire werelden te kunnen creëren. Als het materiaal er is, kunnen ze tientallen levens verzinnen, honderden of duizenden… of ze die allemaal zullen neerpennen om van elk verhaal een boek te maken, is de vraag. Of de lezers de boeken zullen lezen voor ze het er met elkaar over hebben, is nog een heel andere vraag.

(er is ook een video-clip waarin Bayard zijn boek voorstelt)