Hit The Road, Jack.
Voor Jack Johnson stelde er zich geen taalprobleem. Hij kwam uit Galveston, Texas. Genoemd naar Bernardo de Gálvez, de Spaanse ontdekkingsreiziger die het gebied in kaart had gebracht. De streek bleef lang Spaans.
Gran Fiesta De Boxo, blokletterde de affiche voor zondag 23 april 1916, om 3 uur in de namiddag. Jackson, “Negro de 110 kilos“, moest in Barcelona de handschoen opnemen tegen jou, “Blanco de 105 kilos“. El campeõn del mundo versus el campeõn europeo.
The Galveston Giant was 38 jaar, jij, Cravan, amper 28. Johnson was een kind van de orkanen. Galveston, op weg uit te groeien tot het New York van het Zuiden, werd op 8 september 1900, weggemaaid door een orkaan. Rond de heropgebouwde stad werd een betonnen reling aangelegd. Het miste zijn effect niet. In 1915 werd de stad opnieuw getroffen door een orkaan met een gelijkaardige moorddadige kracht. Toen vielen er “slechts” 275 doden. Nu het jaartal 1915 hier gevallen is, Arthur… Ik weet niet of het wel allemaal met de waarheid strookte. Volgens mij had die Jack Johnson een jaar eerder zijn titel verloren. In 1915, in Havana, tegen Jess Willard. Gevloerd in de 25ste ronde. Terug thuis draaide men hem een jaar de lik in. In 1912 werd hij bij verstek veroordeeld omdat hij zijn vrouw voor het huwelijk over de staatsgrenzen had vervoerd.
Johnson was de eerste zwarte wereldkampioen boksen bij de zwaargewichten. In het begin weigerden blanken tegen hem te vechten, omdat dat de reputatie van de sport geen goed zou doen. Johnson vergaarde internationale faam. In 1908 vocht hij in Sydney tegen de toenmalige Canadese wereldkampioen Tommy Burns. Johnson won. Het zorgde voor rassenspanningen in de States.
In 1910 stapte de reeds met boksen gestopte voormalig wereldkampioen Jim Jeffries alsnog tegen Johnson in de ring, aangemoedigd door white trash dat opnieuw een rasgenoot als wereldkampioen wilde. Jeffries, The Great White Hope, werd door Johnson gevloerd in de 15de ronde. Knock-out. Hetzelfde overkwam jou die zondag in 1916 in Barcelona. De stank van de slachtvelden had je naar het Zuiden gedreven. Johnson was naar Frankrijk gevlucht omdat hij nog getrouwd was met een blanke. Zijn hele leven werd de Galveston Giant gedreven door de liefde. Drie keer stapte hij in het huwelijksbootje, telkens met een blanke vrouw. Johnson was een ster, een mediafiguur, een celebrity. Hij verdiende enorm o.a. door reclame te maken voor de meest uiteenlopende producten. Met zijn voorliefde voor juwelen, bontjassen voor zijn vrouwen, snelle wagens, las men graag zijn avonturen in de pers. Leadbelly verwees in één van zijn songs naar hem. In Harlem opende Jack een nachtclub, de voorloper van The Cotton Club.
Jij werd boksleraar bij Real Club Maritimo de Barcelone. Ook was je scheidsrechter. “La Vanguardia” van 19 maart heeft het over “de uiterst opmerkelijke Engelse bokser, Arthur Cravan. Ongetwijfeld de beste bokser die deze stad ooit bezocht. Op 23 maart 1916, tekende je het contract om uit te komen tegen Galveston Giant. Op 23 april was het dan zo ver. Arthur Cravan (105k), de “formidabele athleet van het blanke ras”, neemt de handschoen op tegen “El gran” Jack Johnson (110k) op de Plaza de Toros Monumental in Barcelona. Vijfduizend toeschouwers wilden bloed zien. Waarschijnlijk streek je ook als verliezer een behoorlijke smak geld op, mon vieux. En als dat niet was, so what? Nogaltijd beter een K.O. in de boksring dan op het slachtveld.



January 15th, 2007 at 4:30 am
Ken je A tribute to Jack Johnson van Miles Davis? Met stevige gitaargroves van McLaughlin en Herbie Hancock op de toetsen (Farfisa!), naar mijn gevoel de enige straight rock-plaat die Davis ooit heeft gemaakt. Davis bokste zelf en was uiteraard een bewonderaar van Jack Johnson. Stoer plaatje, een beetje jammer dat dat er aan het eind nog eens dik moet worden opgelegd door die macho stem: “I’m Jack Johnson. Heavyweight champion of the world. I’m black. They never let me forget it. I’m black all right! I’ll never let them forget it!” Nu ja, de gevoeligheden van Miles Davis.